Twee rechter- en twee linkerhanden
Als ik de trap naar de woonkamer neem, schalt van boven te harde muziek van een te slecht radiostation me tegemoet. De woonkamer ligt bezaaid met schroeven, hamers, schroevendraaiers, spijkers en hier en daar een vergeten steigerplank.Midden in de rotzooi staat een gereedschapskist, waar J. in aan het rotzooien is. Ze zit met haar rug naar me toe, op haar knieën. Boven de rand van spijkerbroek is een bouwvakkersdecolleté te zien, wat ik voor een keer niet erg vind.
Ik fluit naar haar. Pfieuwt pfieiwwwwwwwww!
J. draait zich om en mompelt: "Grhml klopgh grablem."
Als reactie op mijn verbaasde gezicht haalt ze de potlood uit haar mond en trots wijst ze naar de lamp boven het trapgat. "Kijk eens. Heb ik opgehangen. Werd wel tijd, toch? Hoeven we nu tenminste niet meer in het donker naar boven en beneden te gaan."
Ik kan haar alleen maar bewonderend toeknikken. Want ze heeft gelijk, zonder mijn eigen bouwvakker zou hier in huis alleen kaarslicht zijn en stonden alle schilderijen tegen de muren.
En met mijn twee linkerhanden zet ik een kopje koffie. Want dat kan ik nog wel, de inwendige mens verzorgen.
